|
De oude meester is terug, en hoe! De Tsjechische regisseur Jirí Menzel was halverwege de jaren zestig toonaangevend in de Tsjechische Nouvelle Vague. In 1968 won hij al een Oscar met 'Closely Watched Trains'. Zo'n 30 jaar later maakt hij zijn comeback met 'I Served the King of England', een lichtvoetige film over opportunisme en collaboratie. Hij baseerde zich hierbij wederom op een roman van Bohumil Hrabal. Net als diens werk zijn de films van Menzel doordrenkt van zwarte humor en absurde scènes. Het verhaal draait om de kleine en ietwat naïeve man Jan Díte. Cafébediende Jan is vastbesloten miljonair te worden. Dat lijkt een onmogelijke opgave, maar door grenzeloos opportunisme realiseert hij zijn droom. Hij begint in de jaren twintig als eenvoudig worstenverkoper op een Tsjechisch station, waarna hij als kelner in een Praags café belandt. In de oorlog slaat Jan zijn grote slag door aan te pappen met een Duits nazi-meisje dat seksueel opgewonden raakt van het portret van Adolf Hitler in haar slaapkamer. Ze werkt in Praag in een door de Nazi's opgezet Arisch fokcentrum, waarin blonde vrouwen met Duitse soldaten paren. ![]()
|
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
© 1999-2012 Stichting Filmhuis Winterswijk |
|